Geschiedenis van Den Haag
kopfoto ooievaar

ooievaarkleinerDankzij twee vredesconferenties werd Den Haag de stad van vrede en recht. Het verhaal van deze conferenties.

kopfoto

Den Haag: stad van vrede en recht

De titel Stad van vrede en recht kan Den Haag zich aanmeten sinds in 1899 de Eerste Internationale Vredesconferentie in Den Haag werd gehouden. De conferentie behaalde niet helemaal het gewenste resultaat voor ontwapening en vrede, maar de naam van Den Haag was gevestigd. Telkens als er zich iets nieuws voordeed op het gebied van vrede dacht men aan Den Haag als vestigingsplaats. Het Vredespaleis werd hier vanaf 1913 het Haagse symbool van. Na verloop van tijd vestigden zich nieuwe instellingen op het gebied van internationaal recht en vrede in Den Haag.

Verlangen naar vrede

De eerste internationale conferentie over ontwapening kwam in de 19de eeuw slechts met moeite tot stand. Voor veel regeringen was het voeren van oorlog de gebruikelijke manier om geschillen op te land op te lossen. Het waren burgers die in de 19de eeuw de eerste vredesbewegingen op richtten, maar burgers zaten toen nog niet in de regering. Er was nog geen (algemeen) kiesrecht. Het was notabene een voormalig kamerheer van keizer Napoleon, Jean-Jacques de Sellon, die in 1829 in Genève de Société de la Paix oprichtte. Dat was een eerste organisatie die voor vrede ijverde. Dit voorbeeld werd elders in de wereld gevolgd, maar nog niet in Nederland. Pas toen de gruwelijkheden van de Duits-Franse oorlog van 1870 bekend werden kwamen in Nederland burgers in actie voor vrede. Overal in het land lokale 'vredesbonden' opgericht1. Maar veel invloed hadden deze organisaties van burgers niet. De meeste invloed kwam van een internationale organisatie van parlementariërs, de Interparlementaire Unie (IPU). Deze organisatie werd in 1889 opgericht op initiatief van idealistische parlementariërs2. Deze organisatie was invloedrijk genoeg om af en toe regeringen te dwingen. In 1891 werd in Bern een overkoepelende vredesorganisatie opgericht, het Bureau International de la Paix3. Naast deze organisaties werd ook een aantal mensen erg bekend als vredesactivist. De Oostenrijkse barones Bertha von Suttner, van huis uit gravin Kinsky, was regelmatig in Den Haag om de vredesconferenties te bezoeken. Zij schreef enkele invloedrijke boeken en had onder andere gewerkt voor Alfred Nobel. Deze staat bekend als uitvinder van dynamiet, maar werd later bedenker en financier van de Nobelprijs. De in Engeland zo controversiële journalist William Stead was een prominente vredesactivist. Hij werd ondanks zijn dwarse standpunten toch door regeringsleiders uitgenodigd en had dus wel invloed. Ook hij was bij vredesconferenties in Den Haag aanwezig en gaf daar ongezouten zijn mening4.

Uitnodiging voor vrede

In de 19de eeuw hadden de ongeveer honderd vredesorganisaties nog weinig invloed. Vredesactivisten wilden dat hun landen geen oorlog zouden voeren, maar hun conflicten zouden oplossen door arbitrage. Dat is bemiddeling door een derde partij. Maar de regeringen van de grote landen losten hun problemen het liefst zelf met hun leger op. Het risico van arbitrage was natuurlijk dat je niet in het gelijk werd gesteld5. Toen de Russische tsaar Nicolaas in 1898 onverwacht andere landen voorstelde om een conferentie over vrede en ontwapening te houden, kwam dat dus als een verrassing. Er was eerst weinig animo om op het Russische voorstel in te gaan, maar onder druk van vredesorganisaties gingen de grote landen schoorvoetend overstag.

Hotel Paulez in Den Haag

Hotel Paulez was een van de sjieke hotels ten tijde van de Vredesconferentie. Het was gevestigd op de hoek van het Lange en het Korte Voorhout (prentbriefkaart Lud Fischer

Het ging toen nog niet om heel veel landen. Een groot deel van de wereld was kolonie van een Europees land en een aantal andere landen deed om andere reden niet mee. Het beperkte aantal overblijvende landen aanvaardde het voorstel van de tsaar om de conferentie in Den Haag te houden. Waarom Den Haag werd voorgesteld is niet duidelijk. Ook andere steden als Genève, Bern en Brussel kwamen in aanmerking, maar er werd voor Den Haag gekozen. Een van de drijvende krachten achter de conferentie, de Russische jurist Frederic de Martens, had in 1893 en 1894 in Den Haag de internationale conferenties over privaatrecht bijgewoond. Toen had Den Haag op hem een goede indruk gemaakt. Dat Nederland neutraal was speelde ongetwijfeld mee en het was ook een voordeel dat het voor iedereen gemakkelijk overzee te bereiken was. Misschien speelde nog mee dat koningin Wilhelmina familie van de tsaar was. Overigens scheen het voor koningin Wilhelmina en de Nederlandse regering ook een teleurstelling te zijn geweest dat de conferentie in Nederland werd gehouden. Dat betekende immers ook dat Nederland internationaal niet zo belangrijk meer was6.

Eerste Haagse Vredesconferentie

Rusland organiseerde de conferentie en het eerste probleem voor de Russische diplomaten was welke landen moesten worden uitgenodigd (uitgebreider verhaal). Alle grote landen hadden problemen met nationale minderheden en met koloniën die onafhankelijk wilden zijn en van een aantal landen werd de onafhankelijkheid betwist. Bulgarije was bijvoorbeeld wel onafhankelijk, maar viel nog onder de suzereiniteit (oppergezag) van de Turkse sultan. Het ene land wilde Bulgarije wel uitnodigen, het andere land niet. Evenzo was de Zuid-Afrikaanse Republiek wel onafhankelijk, maar stond nog onder het oppergezag van Groot-Brittannië. Rusland loste dit soort problemen officieel op door alleen landen uit te nodigen die in Sint-Petersburg een diplomatieke vertegenwoordiging hadden. Onofficieel werd hier de hand mee gelicht7.

De conferentie werd gehouden in paleis Huis ten Bosch, de zomerresidentie van koningin Wilhelmina. Dit paleis, nog in de gemeente Wassenaar gelegen, had ze ondanks haar twijfels toch beschikbaar gesteld. De geste was een succes, want verschillende delegatieleden roemden de mooie omgeving van het Haagse Bos. Het lag toen nog buiten Den Haag, met aan de ene kant het Haagse Bos en aan de andere kant de weilanden van de polders. Het Bezuidenhout was nog niet zo ver gebouwd. Ook het stralende zomerweer zal de goede stemming van de conferentie hebben bevorderd. De opening vond op 18 mei 1899 in de fraaie Oranjezaal plaats. De conferentie duurde iets langer dan twee maanden. De laatste bijeenkomst was op 29 juli. In die tijd vergaderden enkele commissies over een aantal voorstellen.

Hotel De Oude Doelen

Hotel De Oude Doelen.

Hotel De Oude Doelen was ook een van de hotels waar de conferentiegangers verbleven. Het was eeuwenlang het sjiekste hotel van Den Haag. De bekendste gast zal Tsaar Peter de Grote zijn geweest en de beroemdste bezoeker was Wolfgang Amadeus Mozart, toen deze optrad in de concertzaal.(prentbriefkaart Lud Fischer.

Op de conferentie werden geen buitenstaanders werden toegelaten. Alleen voor enkele bekende vredesactivisten werd een uitzondering gemaakt. De journalist William Stead, barones von Suttner en de Russische bankier de Bloch werden toegelaten. Stead schreef verslagen in het conservatieve Dagblad van Zuid-Holland en 's-Gravenhage, deed mee met discussie-avonden in Diligentia en organiseerde ook de aanbieding van miljoenen handtekeningen die over de hele wereld verzameld waren8. Ook andere vredesactivisten waren naar Den Haag gegaan en presenteerden hun voorstellen voor een vrediger wereld in een of andere Haagse zaal. Tientallen vrouwenbewegingen van over de hele wereld zonden telegrammen waarin gevraagd werd om de instelling van een internationaal gerechtshof.

De duurdere Haagse hotels als 'Hotel Den Oude Doelen' (ook wel 'Hotel du Vieux Doelen' genoemd), Des Indes, De Bellevue, Paulez, De Twee Steden deden goede zaken9. De Haagse bevolking zag tien weken lang de hoge afgevaardigden met koetsen naar het Haagse Bos rijden. En in de avond werden ze naar de kleine en grote feesten gebracht. Bijna dagelijks waren er diners, ontvangsten en feesten. Ook het Haagse gemeentebestuur bood de delegatieleden een concert aan in het Gebouw van Kunsten en Wetenschappen.

Het hoofdthema van de conferentie was ontwapening, maar men had van te voren al verwacht dat het daar niet van zou komen. In de slotakte van 29 juli 1899 werden slechts zeer beperkte verboden opgenomen. Er kwam een vijf jaar geldend verbod op het uitwerpen van explosieven uit ballons, een verbod op projectielen die verstikkende gassen verspreidden en een verbod op het gebruik van dumdumkogels. Over andere onderwerpen zou men op een volgende conferentie verder praten. Omdat men van te voren al verwachtte op het gebied van ontwapening te zullen bereiken, werd het onderwerp 'arbitrage' aan de agenda toegevoegd. Dat leidde tot het enige belangrijke resultaat van de conferentie, de oprichting van het Permanent Hof van Arbitrage. Het was vooral voor Den Haag belangrijk dat het daar gevestigd zou worden10. Arbitrage hield in dat conflicten werden opgelost door bemiddeling en niet door oorlog. Arbitrage was geen nieuw idee. Organisaties als de Vredebond, de Interparlementaire Unie en de Internationalisten11 drongen al decennia aan op invoering van een Hof van arbitrage..

Verder kun je zeggen dat de conferentie van 1899 ondanks de beperkte resultaten toch belangrijk omdat er nu voor het eerst door landen over vrede werd gepraat zonder dat er oorlog was. Tot dan toe werd er alleen over vrede gepraat als twee landen in oorlog waren. Men praatte nu voor het eerst 'zomaar' over beperking van oorlogsgeweld en het voorkomen van oorlog.

Permanent Hof van Arbitrage

Na de conferentie werd Den Haag vestigingsplaats van het eerste internationale instituut op het gebied van recht en vrede. Het 'permanente' van het hof sloeg overigens niet op de aanwezigheid van de rechters. Er werden geen vaste rechters benoemd, omdat men het niet eens kon worden over hun benoemingsprocedure. Enkele landen waren bang dat ze niet altijd een 'vertrouwde' rechter in het hof hadden. Die landen vonden het beter dat ze zelf konden kiezen wie rechter was in een zaak. Men stelde nu een lijst op van rechters die beschikbaar waren. Landen die bij een arbitragezaak betrokken waren konden uit die lijst een rechters naar eigen voorkeur kiezen. Deze rechters kwamen dan tijdelijk naar Den Haag over. Alleen het bestuur en het secretariaat ('Internationaal Bureau') van het Hof waren permanent in Den Haag aanwezig. De feitelijke instelling van het Hof gebeurde in 1901. Het hof werd toen ondergebracht in een herenhuis aan de toen nog rustige en sjieke Prinsegracht (nr. 71). Het secretariaat werkte ook voor andere arbitragecommissies. Het bekendste succes uit de begintijd was het voorkomen van een Engels-Russische oorlog in 1904. Bij de Doggersbank waren Engelse vissersschepen beschoten door Russische oorlogsschepen en daarbij waren Engelse vissers om het leven gekomen. De Russische schepen waren op weg naar Azië om mee te doen aan de oorlog tegen Japanen en hadden de vissersschepen aangezien voor Japanse oorlogsschepen. De Britse pers reageerde furieus, maar voordat het land in oorlogsstemming raakte werd het incident door de regeringen voorgelegd aan een arbitragecommissie in Den Haag. Die stelde een schadevergoeding vast. De Russen hadden bij het incident overigens ook het jacht van de Griekse koning beschoten. Dat voer toevallig ook langs. op weg van Denemarken naar Parijs11a. In 1981 werd het Internationaal Bureau na de bezetting van de Amerikaanse ambassade in Teheran ingeschakeld bij het Claims Tribunal tussen Iran en de Verenigde Staten.

Joegoslavië-tribunaal

Het Joegoslavië-tribunaal (International Criminal Tribunal for the former Yugoslavia genoemd, afgekort tot ICTY)is een van de instellingen op het gebied van recht en vrede die in Den Haag zijn gevestigd.

Tweede Haagse Vredesconferentie

Het Hof van Arbitrage boekte enkele successen, maar voor de grote landen was het gunstiger om doelen te bereiken met geweld. Het ging dan ook vaak om het uitbreiden van koloniën of invloedssferen in Afrika, het Midden-Oosten en Azië. Hierbij dreigde ook regelmatig oorlog tussen de kolonisatoren Frankrijk, Duitsland, Groot-Brittannië en Rusland. De Boerenoorlog en de Japans-Russische oorlog maakten het niet mogelijk om in het geplande jaar de vervolg-conferentie na 1899 te houden. Arbitrage, ontwapening en vrede dreigden weer vergeten te worden. Het initiatief voor een nieuwe vredesconferentie (uitgebreider verhaal) moest daarom van vredesbewegingen komen. De doorslag gaven de verzamelde parlementariërs van de Interparlementaire Unie. Die deden in 1904 een oproep aan de Amerikaanse president. Deze liet de organisatie toch weer over aan Rusland. Dat had daar in 1905 na afloop van de oorlog met Japan weer tijd voor. Ook deze conferentie werd in Den Haag gehouden. Het zou nu onder andere gaan over de verbetering van de arbitrageprocedure en over zaken die op de eerste conferentie nog niet waren opgelost. Ontwapening stond minder prominent op de agenda12.

Opening Tweede Vredesconferentie in Den Haag 1907

Opening van de vredesconferentie in 1907.

Koetsen brengen de delegatieleden naar de Ridderzaal voor de opening van de Tweede Vredesconferentie in 1907 (Haags Gemeentearchief).

Het aantal deelnemende landen was groter dan bij de eerste conferentie. Deze keer deden veel Latijns-Amerikaanse landen mee en ook enkele andere landen deden nu voor het eerst mee. Het Huis ten Bosch was daarom nu te klein voor de conferentie. Die werd daarom nu gehouden op het Binnenhof. Daar werden enkele zalen speciaal voor de conferentie ingericht. Zelfs kregen de zalen elektrische verlichting. De Ridderzaal was net gerestaureerd en was nu een mooie zaal voor de algemene vergaderingen. Het secretariaat-generaal van de vredesconferentie zat op Plein 2313.

Protesten en steunbetuigingen

Er deden wel meer landen mee, maar er waren nog steeds landen die zich buitengesloten voelden. Van veel landen werd de onafhankelijkheid niet algemeen erkend. Nederland had de praktische organisatie in handen, maar Rusland bepaalde welke landen er werden uitgenodigd. Op dezelfde voorzichtige manier als in 1899 werden er geen landen uitgenodigd als dat bij andere grootmachten slecht zoun vallen. Een land als Korea, dat militair bezet was door Japan en bezig was zijn onafhankelijkheid aan Japan te verliezen werd daarom niet uitgenodigd. Het land stuurde toch een delegatie die ruimschoots de pers haalde. Maar ook andere nationaliteiten als Albaniërs, Armeniërs, Bosniërs, Georgiërs, Boeren, Egyptenaren en Ieren stuurden petities naar de conferentie. Een andere vorm van protest was het achtste zionistische congres. Dat vond in augustus plaats in het Gebouw van Kunsten en Wetenschappen.

Net als de eerste conferentie ging ook deze gepaard met veel bijval van burgers. Mensen verzamelden handtekeningen en stuurden petities en handtekeningen, vooral uit het buitenland.

Cafe Hollandais

Cafe Hollandais op de Groenmarkt Was een van de verzamelpunten van journalisten tijdens de Vredesconferentie (prentbriefkaart Lud Fischer)

Journalisten en bijeenkomsten

Anders dan in 1899 mochten er bij deze conferentie wel journalisten aanwezig zijn. De Haagse horeca heette ze welkom. Op de eerste verdieping van het nieuwe café Hollandais aan de Groenmarkt had de Haagsche Journalistenvereeniging een persbureau ingericht. En in ´een der mooiste zalen van het oude deftige hotel de Twee Steden´ financierde de Norddeutschen Lloyd een ontmoetingsplaats voor journalisten en andere betrokkenen14.

Ook veteraan William Stead was weer aanwezig. Hij bezocht eerst de tsaar, maar kwam toen naar Den Haag. Hier gaf hij met hulp van anderen een eigen krant uit. De voertaal van de conferentie was Frans en zijn Courier de la Conférence de la Paix werd ook in het Frans geschreven. De Couier gaf gaf de meeste informatie over de conferentie. Een van de redactieleden was de bekendste vredesactiviste van die tijd, barones Bertha von Suttner. De redactie van de krant zat aan de Prinsessegracht 6a. In dit huis, dat door de bewoner, M. de Pinto, ter beschikking was gesteld zat ook de Cercle International, een ontmoetingscentrum verbonden aan de Haagse Stichting voor Internationalisme. Hier vonden bijeenkomsten plaats over onderwerpen die op de officiële geen aandacht kregen. Drijvende krachten van de Stichting voor Internationalisme waren Pieter Hendrik Eijkman en Paul Horrix, de meest bekende Haagse vredesactivisten uit die tijd. Zij hadden het fantastische plan om buiten Den Haag, in de duinen bij Waalsdorp een vredesstad te creëren die ruimte bood voor allerlei internationale organisaties die werkten aan vrede, gezondheid, onderwijs en economie. Op deze plek staat straks het nieuwe gebouw van het Internationale Strafhof.

Secretariaat vredesconferentie op het Plein

Het secretariaat van de Tweede Vredesconferentie zat op het Plein, het latere Ministerie van Buitenlandse Zaken.

Sociaal gebeuren

Nog meer dan in 1899 lijkt het grote aantal diplomaten met soms hun echtgenotes en de andere hoge gasten het Haagse sociale leven die zomer een extra impuls te hebben gegeven. Het zomerseizoen trok altijd al rijke badgasten naar de sjieke hotels van Scheveningen, maar dit jaar waren de hotels vol en was er voor veel badgasten geen plaats. Een groot aantal delegaties verbleef in het pas geopende Palace Hotel. Andere delegaties verbleven in de andere dure hotels als het Kurhaus, Hotel d´Oranje of buiten Scheveningen in de Vieux Doelen of Des Indes. Ook deze keer wedijverden de delegaties in de grootste ontvangsten. Ook het Haagse gemeentebestuur deed er aan mee. Het gaf het voor die tijd grote bedrag van 15.000 gulden uit voor een feestavond in "een der mooiste feestzalen die er bestaan", de Kurzaal. Niet alleen de socialisten vonden dit erg duur. Een belangrijk moment was de speciaal voor de conferentie ingelaste eerste-steenlegging voor het Vredespaleis. De echte bouw zou nog lang niet beginnen, maar het was natuurlijk leuk om ´de´ eerste steen te leggen op het moment dat 'iedereen' er was. Voor dit feestelijke gebeuren werden speciaal betonnen tribunes gebouwd. Andrew Carnegie, op wiens kosten het Vredespaleis gebouwd werd, kon er op die dag, 30 juli, niet bijzijn. Hij was daarvoor al enkele dagen eregast geweest op de conferentie.

Succes?

De conferentie duurde van 15 juni tot en met 18 oktober, dus iets meer dan vier maanden. In concrete resultaten bereikte de conferentie niet veel meer dan de vorige. Toch waren veel mensen blij dat de conferentie gehouden was. Het was natuurlijk al iets dat het onderwerp 'vrede' weer eens in de aandacht was gebracht. De Amerikaanse onderhandelaar Elihu Root bejubelde de resultaten als de grootste stap die ooit in één keer is gezet in de richting van wereldvrede. Er was ook al een afspraak gemaakt voor een vervolg-conferentie. Die zou in 1916 worden gehouden.

Penitentiaire Inrichting Haaglanden

De Scheveningse gevangenis (officieel Penitentiaire Inrichting Haaglanden) rechts is regelmatig in het nieuws. Hier houdt de wereldpers de gevangenis in de gaten in afwachting van de van oorlogsmisdaden verdachte Radovan Karazic.

Verantwoording

Voor meer informatie zijn onderstaande literatuur, websites en noten toegevoegd.

Literatuur

• Eyffinger, Arthur, The Peace Palace. Residence for Justice – Domicile of Learning. Den Haag 1988.

• Kamphuis, P.H., ´Het Algemeene Nederlandsche Vredebond, 1871-1901´, in Bijdragen van de sectie Militaire Geschiedenis, deel 13, Den Haag 1982.

Noten

1. Een "Vredebond" werd in Den Haag op 8 september 1870 opgericht want "de afschuw van den oorlog en van zijne gruwelen is nooit zoo levendig geweest als in deze dagen". De oprichters waren rechters en andere mensen die afkomstig waren uit kringen van de gegoede burgerij. De Haagse bond telde het eerste jaar al zo´n 300 leden. De Vredebond ging met andere bonden op in het landelijk opererende "Het Algemeene Nederlandsche Vredebond". In het landelijke bestuur zaten een aantal leden van de Haagse Vredebond: J.J.F. Wap, L. Enthoven, Ph.J. Bachiene. De bond was in de begintijd erg actief en probeerde met name politici te overtuigen van het nut van arbitrage (bemiddeling door derden in plaats van meteen oorlogvoeren). Maar successen werden er niet gehaald en tegen het eind van de eeuw nam het aantal leden weer af. Ook tijdens het eerste vredescongres in Den Haag speelde de bond geen rol. In 1901 fuseerde men met de "Nederlandsche Vrouwenbond voor internationale ontwapening en arbitrage". Ook de nieuwe bond "Vrede door Recht" bereikte weinig. (de brochure Vredebond te ´s-Gravenhage.

2. De Interparlementaire Unie (IPU) is opgericht in 1889 vooral dankzij het werk van de Engelsman William Randal Cremer en de Fransman Frédéric Passy. De IPU is gevestigd in Genève. en is de oudste internationale politieke organisatie. In 2007 waren de parlementen van 138 staten lid. De Interparlementaire Unie wil een bijdrage leveren aan de vrede en de veiligheid in de wereld door overleg en parlementaire democratie. Voor de geschiedenis.

3. International Peace Bureau.

4. Uitgebreide website gewijd aan William Stead.

5. Duitsland was pas sinds 1870 één land geworden, had nog geen koloniaal wereldrijk als Groot-Brittannië en Frankrijk en wilde ook koloniën. Frankrijk had de laatste grote oorlog verloren en wilde revanche. Groot-Brittannië, Oostenrijk-Hongarijë en Rusland hadden te maken met strijd in hun rijken. Ontwapening voor vrede was niet of niet altijd de eerste keus van politici.

6. Mandere, H.Ch.G.J. van der, ´Internationale figuren in Haagsche omgeving,´ in Jaarboek Die Haghe 1933, blz. 175.

Zie ook: www.geschiedenis.nl. Ook zouden volgens de minister van buitenlandse zaken, De Beaufort, de financiële hulp van Nederland aan Rusland en de traditionele banden die tussen Rusland en Nederland bestonden de doorslag gegeven in de keuze. De Beaufort bracht de ministerraad op 26 januari op de hoogte van het bericht, "allen juichten het besluit van de czaar toe en vonden de bezwaren gering". Volgens De Beaufort was de koningin ook ingenomen met het nieuws en stelde het paleis Huis ten Bosch ter beschikking. Wilhelmina was echter helemaal niet gecharmeerd van het idee: "immers werd daardoor op ons het stempel gedrukt van onbeduidendheid". Wilhelmina weigerde dan ook om bij de opening van de conferentie aanwezig te zijn.

7. Het uitnodigen van Bulgarije lag moeilijk bij Turkijë en het uitnodigen van Transvaal en Oranje Vrijstaat lag gevoelig bij de Britten: . Rusland nodigde landen uit die geen vertegenwoordiger in Sint-Petersburg hadden, zoals Luxemburg, Montenegro en Siam en nodigde de Zuid-Afrikaanse Republiek, dat wel een vertegenwoordiger in Rusland had, niet uit (William Hull, The Two Hague Peace Conferences and Their Contributions to International Law, Boston, 1908, p. 10).

8. Mandere, Jaarboek Die Haghe 1933, 192, Mandere, Jaarboek Die Haghe 1933, 193-194, Het Vaderland, 18 mei 1899.

9. Mandere, Jaarboek Die Haghe 1933, 176; voor de hotels: Het Vaderland, 16 mei 1899.

10. Eijffinger 29-35; Stb. 1900, 163. De verdragen waren: het verdrag voor de vreedzame beslechting van internationale geschillen, het verdrag betreffende de wetten en gebruiken van de oorlog, met bijbehorend reglement, het verdrag nopende toepassing op de zeeoorlog van de beginselen der conventie van Genêve van 22 augustus 1864. De declaraties tot een verbod op projectielen waarmee verstikkingsgassen konden worden verspreid en op het gebruik van dum-dumkogels golden bij oorlog tussen twee of meer verdragsstaten en niet als een niet-verdragsstaat zich in de oorlog zou mengen. Zie ook: tekst of volledige tekst .

11. Mensen die een meer verenigde wereld voorstonden met een soort Verenigde Naties; zie Jaarboek Die Haghe 1933, p. 174.

11a. Vaderland 8 feb 1905.

12. Mandere, Jaarboek Die Haghe 1933, 204.

12a. De ligging op het Plein blijkt uit een kaartje in de Courier de la Conference de la Paix. Het voormalige logement van Amsterdam was verlaten door het Rijksarchief en stond leeg. Het werd gebruikt voor tijdelijke tentoonstellingen, totdat het werd verbouwd voor gebruik als departement van buitenlandse zaken..

13. Wereldkroniek 1907, p 169 en Haagsche Courant. 26 juni 1907.

14. Wereldkroniek 1907 p. 188-189, Wereldkroniek 1907, p. 189; Hotel de Twee Steden lag in een verstopt hoekje tegenover het Binnenhof. De hoofdingang zou nu aan de Hofweg liggen, maar die bestond toen nog niet.Het hotel was ooit verblijfplaats van afgevaardigden van de steden Alkmaar en Enkhuizen die met andere steden de landsregering vormden. In de 19de eeuw werd het een steeds deftiger hotel dat ook uitgebreid werd naar het Buitenhof. De ingang lag niet aan het Buitenhof, maar net om de hoek aan wat nu de Hofweg is. Het adres van die ingang was overigens toch Buitenhof 24.

15. International Court of Justice.

16. Mr. A.E.H. Goekoop, geboren op 28 april 1859 te Goedereede, was een van de interessantste Hagenaars van zijn tijd. In het bevolkingsregister staat hij opgenomen als advocaat en procureur en later als grondeigenaar. Hij woonde eerst aan de Laan van Meerdervoort (nummer 55 tegenover de Zoutmanstraat, in 1953 afgebroken), en later aan de Scheveningseweg 24 (Catshuis). Hij overleed onverwacht op 24 september 1914. uitgebreider

 

Relevante websites

The Hague Acacemy of International Law

Permanent Court of Arbitration

Peace Palace Library

International Court of Justice

International Court of Justice

Institute of Social Studies

T.M.C. Asser Instituut

Hague Institute of International Law

Vredespaleis / Carnegie Foundation

International Criminal Court

Organisation for the prohibition of chemical weapons

Hague Conference on Private International Law

International Court of Justice