Geschiedenis van Den Haag
kopfoto

ooievaarkleinerDe graven uit het Henegouwse huis (familie) waren de opvolgers van de graven van Holland. Zij gingen het Binnenhof vaker gebruiken en breidden het uit.

kopfoto

Het Binnenhof onder het Henegouwse huis

De graven uit Henegouwse zagen hun Haagse kasteel niet als hoofdverblijf en verbleven het meest in hun eigen land. Toch kwamen ze hier nog wel en zelfs vaak genoeg om de moeite te nemen om het kasteelcomplex uit te breiden. Zo werd er achter de bestaande woonvertrekken de joncvrouwencamer gebouwd, vermoedelijk voor de vier dochters van Willem III 14. Verder werd het privé-gedeelte afgescheiden door een lage muur. Zowel links als rechts van de Ridderzaal kwam een lage muur met een poort. Door de poort links kwam je bij de woonvertrekken van de graaf en door de poort rechts kwam je op het Cokenplein (Keukenplein). Zo was het Binnenhof gescheiden in een Achterhof en een Voorhof.

Voorhof

Het Voorhof was het voorplein van het woongedeelte. Het was niet zoals nu mooi bestraat en omgeven door grote gebouwen. Behalve de Ridderzaal en de Hofkapel stonden er weinig gebouwen om dit hof. Het hof zal het officiëvoorplein van het kasteel zijn geweest waar hoge gasten arriveerden en waar ook plechtigheden en feestelijkheden werden gehouden. In deze tijd was het blijkbaar nog niet nodig om een goede indruk te maken met mooie bestrating, want het Voorhof zat vol met kuilen. Er liepen enkele paden over die verhard waren met puin. Misschien werd het bewust in deze toestand gehouden omdat er hier onder de Henegouwers kleine steekspelen gehouden. Dat was misschien ook een reden om er zand te laten liggen.

In deze tijd duiken meer nieuwe gebouwen op. Eén daarvan was het Ridderhuis dat waarschijnlijk aan de noordkant van het Voorhof lag. Dit diende vermoedelijk als onderdak voor bezoekende ridders. Ten westen van het Ridderhuis lag de ´taelgerie´ (kleermakerij), waar harnassen en wapens als pijl en boog, speer en slagzwaard werden opgeborgen. Aan de westkant van het Binnenhof stonden nog meer gebouwen rondom de poort.

Aan de zuidkant van het Binnenhof was weinig gebouwd. Het eerste stuk was waarschijnlijk onbebouwd. Pas ten zuiden van de Ridderzaal vond je enkele gebouwen die rond het ´Cokenplein´ (Keukenplein) lagen. Hier lagen de keukens en de ´Cokenpoort´ (Keukenpoort) die de zuidelijke ingang van het Binnenhof was. Van deze poort liep een weg naar de Spuipoort. Die lag aan het Spui en daar zullen de goederen en mensen zijn gearriveerd die per schip in Den Haag arriveerden. Volgens G.G. Calkoen was dit in 1316 zelfs nog de hoofdingang van het Binnenhof [15]. Het Keukenplein werd goed onderhouden met steen en puin. Het kantoor van de rentmeester of hofmeester lag er ook als uitbouw van de Ridderzaal. Het gebouw had later ook andere functies. Aan de andere kant fungeerde net zo´n gebouwtje als kantoor van de tresorier [16]. Beide gebouwen hebben overigens ook andere functies gehad. Vanaf het Keukenplein waren de tuinen aan de oostkant van het kasteel te bereiken.

Tuinen

De woonvertrekken achter de Ridderzaal waren nog omgeven door tuinen. Er waren meerdere tuinen die gezien de namen die ze hadden verschillende functies hadden en waarvan de ligging meestal niet te reconstrueren valt.

Kooltuin

Ten oosten van het Binnenhof lag een tamelijk groot tuincomplex dat je vanaf het Binnenhof kon bereiken door een poort en een brug in de noordoosthoek (nu Mauritshuis). De tuinen liepen van de Lange Poten tot aan het Tournooiveld. Je had hier onder andere de Kooltuin en een boomkwekerij. De verschillende onderdelen werden door sloten of grachten van elkaar gescheiden. Bij het Tournooiveld liep de weg naar Leiden en daar was ook een ingang van het kasteel. Later stond daar de "uterste" poort, maar die stond er misschien nu ook al (ongeveer bij het Haags Historisch Museum).

Nederhof (Buitenhof)

Het Buitenhof werd gewoonlijk Nederhof genoemd en zal net zo moeilijk begaanbaar zijn geweest als het voorplein van het Binnenhof. Ook hier werden (verharde) paden aangelegd. Het Buitenhof was het werkterrein van wat je de facilitaire dienst van het kasteel kunt noemen. Hier lagen bijvoorbeeld de paardenstallen en allerlei andere gebouwen waar de timmerlieden, metselaars en smeden werkten. Aan de noordkant van het Buitenhof lag de noordelijke hoofdingang van het kasteel, de zogenaamde "voirste poirte" (Voorpoort) die we nu kennen als Gevangenpoort. Hier lag ook de boverie, de kasteelboerderij. Kastelen hadden vaak zo'n boerderij binnen de buitenmuren om het bij belegeringen langer te kunnen volhouden. Bij dit kasteel zal dat niet zo van belang zijn geweest, want het was door de grootte toch niet zo makkelijk te verdedigen.

Grachten en muren

Muren en grachten lagen nu vermoedelijk aan alle kanten om het Binnenhof en Buitenhof heen. Misschien lag er hier en daar nog een een houten 'muur'. Onderdanen en buitenlandse gasten zullen het een imposant complex hebben gevonden, maar al die muren en grachten zullen niet bedoeld zijn om vijandige legers te weerstaan. Als er een aanval verwacht werd dan moesten er versterkingen worden bijgebouwd. Dit is maar twee keer voorgekomen.Voor de dagelijks veiligheid waren de grachten en muren wel nodig want er werd wel degelijk wacht gehouden en als er ijs in de grachten lag dan werd dit in stukken gehakt.

schets Binnenhof ca. 1340

Afbeelding 1: Plattegrond van het Binnenhof ca. 1340.

Deze reconstructie geeft de plattegrond van het Binnenhof weer met de belangrijkste gebouwen die uit de tijd van de Henegouwse graven bekend zijn. (Naar Peters, Grafelijk leven rond 1400, Jaarboek Die Haghe 1909).

Hofpersoneel

Het personeel van het kasteel stond onder leiding van de hofmeester oftewel ´Meester van den Hove´. Deze had in het begin ook de leiding over het dorp Den Haag. Dat was toen nog zo klein dat het als annex van het kasteel beschouwd werd. Hoeveel mensen er totaal op het hof woonden en werkten is moeilijk te reconstrueren. Daar komt bij dat de hofhouding met de graaf meereisde waardoor de bezetting de ene keer wat minder druk was dan de andere keer. De graaf was veel op reis, om verdragen te sluiten, zijn dochters uit te huwen of om oorlog te voeren. De gravin had minder van dit soort bezigheden en was met haar kinderen vaker op dezelfde plaats. Zij had haar eigen hofhouding Het personeel had een middeleeuwse samenstelling, Het hof had ongetwijfeld veel paarden in gebruik, zodat er veel stalknechten zullen zijn geweest. Daarnaast werd er gewerkt in de kasteelboerderij, de keukens en waren er valkeniers, timmerlieden, hoefsmeden, tuinknechts en harnasmakers aan het werk. En nog wel meer mensen. Bij feesten zal het kasteel overvol zijn geweest van alle hofhoudingen die zich op het kasteel verzamelden. Veel mensen zullen dan in tenten hebben geslapen, zoals dat bij veldtochten gebeurde.

Verantwoording

Bijgewerkt op 12-02-2006.

Literatuur

• Boer, C.H. de, 'Hoe oud is toch Den Haag. Over de ouderdom van het grafelijk kasteel op het Binnenhof', Jaarboek 1980. Geschiedkundige Vereniging Die Haghe, p 93-133.

• Breemen, P.J. van, 'Over een mogelijke oorsprong van Die Haghe en Hagheambacht', Die Haghe jaarboek 1950.

• Calkoen, G.G., 'De wording en ontwikkeling van het Hof in Die Haghe gedurende de middeleeuwen, Die Haghe. Bijdragen en Mededeelingen, 1901, pp 8-68.

• Calkoen, G.G., 'Het Binnenhof van 1247 - 1747';, Die Haghe. Bijdragen en Mededeelingen, Den Haag 1902, p 35-182.

• Kuile, E. H. ter, 'De bouwgeschiedenis van het grafelijk paleis op het Binnenhof', Holland, 1978, pp 313-328.

• Kuyper, W, 'De Koninklijke Zaal', in: R.J. van Pelt en M.E. Tiethoff-Spliethoff (red), Het Binnenhof; van grafelijke residentie tot regeringscentrum, Dieren 1984, pp 313-328.

• Mekking, A.J.J., 'De 'Grote Zaal' van Floris V te Den Haag' in: D.E.H. de Boer e.a. (red), Holland in Wording, Hilversum 1991. pp 65 ev.

• Peters, C.H., 'Het kasteel Die Haghe', Haagsch Jaarboekje voor 1894, pp. 5-67.

• Peters, C.H., 'Enkele bladzijden uit de geschiedenis der Groote Zaal of Hof-Zaal', Die Haghe: Bijdragen en Mededeelingen, 1905, pp 297ev.

• Tasseron, L. Twaalf eeuwen Binnenhof, ‘s-Gravenhage 1956.

• De Wit, C. de, Den Haag vroeger en nu, Bussum 1968.

Noten

14. De Wit 15.

15. Calkoen, Het Binnenhof, 46.

16. Calkoen, Het Binnenhof, 48.