Geschiedenis van Den Haag
kopfoto ooievaar

ooievaarkleinerDe Tweede Haagse Vredesconferentie eindigde voor de Koreaanse delegatie in een drama. Ze waren niet uitgenodigd maar kwamen toch. Hun missie werd tegengewerkt en een van de delegatieleden overleed. Volgens geruchten zou hij zijn vermoord. Bijna een eeuw later werd ter ere van de vermoorde Koreaan in Den Haag een museum opgericht.

kopfoto

Yi Jun: een Koreaans drama in de Wagenstraat

De Tweede Internationale Vredesconferentie, die in 1907 in Den Haag werd gehouden, moest de wereldvrede dichterbij brengen, maar de feestvreugde op de conferentie werd verstoord door de ongewenste komst van drie Koreaanse diplomaten. De drie Koreanen wilden aandacht vragen voor het lot van hun land. Dat stond op het punt om een kolonie van Japan te worden en de Koreaanse protesten daartegen waren tot nu toe niet succesvol geweest. De reis van deze drie was een laatste poging, bijna een wanhoopsdaad, om daar verandering in te brengen.

 

De Tweede Vredesconferentie was een vervolg op de eerste conferentie van 1899. Deze had geleid tot de oprichting van het Permanente Hof van Arbitrage, maar het wapengeweld in de wereld was er nauwelijks door uitgebannen. Zeker de oorlogen om het bezit van koloniën gingen gewoon door. Er was zelfs een ware race om het bezit van koloniën uitgebroken. De Britten voerden hun Boerenoorlogen tegen de nieuwe Zuid-Afrikaanse staatjes en ook andere westerse landen waren vanaf 1870 bezig om de laatste stukken van de wereld te bezetten. Iedereen was bang dat een ander land net iets eerder zou zijn. Ook Nederland overwon zijn (financiële) bezwaren tegen oorlogvoeren en bezette de laatste gebieden in de Indonesische archipel.

 

Als enige niet-westerse land deed Japan mee aan deze race en het naburige Korea was daar een van de slachtoffers van1. Korea lag net tussen de grotere landen Rusland, China en Japan in en van deze landen was Japan op militair gebied het sterkste. In 1876 kreeg Japan bij het 'Verdrag van Vrede en Vriendschap' al koloniale voorrechten in Korea. In Korea verblijvende Japanse soldaten en handelaren zouden bijvoorbeeld niet meer onder de Koreaanse wet vallen. Op 17 november 1905 ging Japan een stap verder en moest de Koreaanse regering een protectoraats-verdrag ondertekenen. Japan nam hierbij de buitenlandse politiek van Korea over. Ministers die weigerden te tekenen werden vervangen met hulp van de al aanwezige Japanse troepen. Japan had zich van te voren al verzekerd van Westerse steun. Groot-Brittannië zag in Japan een bondgenoot tegen Rusland en Japan had ook een geheime overeenkomst ('memorandum') gesloten met de Verenigde Staten. Japan kreeg in Korea de vrije hand en in ruil kreeg de Verenigde Staten die in de Filippijnen. De onafhankelijkheid van het Koreaanse keizerrijk1a was dus niet een zaak die de westerse politici raakte. Alleen de Russische tsaar, doodsvijand van Japan, nam het op voor Korea. Maar Rusland had in 1905 de oorlog in Azië met Japan verloren en daarna was Rusland wat voorzichtiger geworden2.

Tweede Internationale Vredesconferentie

Rusland werd belast met de organisatie van de Tweede Internationale Vredesconferentie in Den Haag. Het was oorspronkelijk van plan geweest om Korea ook uit te nodigen. Het land kwam zelfs voor op een officiële lijst van uit te nodigen landen (d.d. 9 april). Maar Nederland, dat het uitvoerende werk bij de conferentie deed, stuurde Korea geen officiële uitnodiging, vermoedelijk onder Japanse druk. De conferentie startte daarom op 15 juni zonder Koreaanse delegatie.

Onverwachte komst van een Koreaanse delegatie

De Koreaanse keizer had het daar niet bij laten zitten, want terwijl de conferentie al begonnen was arriveerde er eind juni toch een Koreaanse delegatie in Den Haag. Twee van de Koreaanse delegatieleden waren apart uit Korea vertrokken en waren, zo onopvallend mogelijk, per trein door Rusland gereisd. Een derde delegatielid werkte al in Sint-Petersburg op de Koreaanse legatie. Van daar reisden ze gezamenlijk, waarschijnlijk per trein naar Den Haag.

Hoewel de Nederlandse kranten met veel plezier vermeldden dat hun komst de andere delegaties totaal verraste, was er in werkelijkheid geen sprake van een verrassing. In buitenlandse kranten was het gerucht van hun komst al verspreid3. Voor hun lange reis zullen de Koreanen buitenlandse hulp hebben gehad, bijvoorbeeld om af en toe weer wat geld op te kunnen nemen bij een of andere niet-Koreaanse bank.

Yi Jun in Den Haag

Yi Jun, Yi Sang Sul en Yi Uijong. (Uit Wereldkroniek 1907, blz. 239, Haags Gemeentearchief)

Yi Jun, Yi Sang Sul en Yi Uijong

De drie Koreanen waren in hun land mensen van aanzien. Ongelukkigerwijs heetten ze alle drie Yi. Yi Uijong (rechts op de foto) was de jongste, maar hij was vanwege zijn buitenlandse ervaring de voornaamste woordvoerder. Zijn vader was ambassadeur geweest in Washington en Sint Petersburg en hij woonde nog steeds in Sint Petersburg. Zoon Yi had nog een tijd in Frankrijk gewoond, maar in 1906 wordt hij in een almanak vermeld als secretaris van de Koreaanse legatie in Sint Petersburg. Hij werd 'prins' genoemd en was familie van de Koreaanse keizer. Volgens de Nederlandse kranten sprak hij meerdere talen en was hij "cultivé", "un homme énergique, plein d´intense vitalité" en volgens een Nederlandstalige krant "een zeer sympathiek uitziend jongmensch, met gitzwart haar, gele kleur en veel van onze Javanen weg hebbend". Yi Sang Sul (midden op de foto) was vice-minister-president geweest totdat hij tijdens de Japanse machtsgreep op 17 november 1905 was afgezet. Hij had een tijd in de gevangenis gezeten en was tenslotte gevlucht. Hij verbleef als vluchteling een tijd in Noordoost China en daar had hij een Koreaanse school opgericht. De derde man, Yi Jun, was rechter aan het hooggerechtshof geweest en was voorzitter van het Koreaanse Rode Kruis geworden. Hij was ook president van de Koreaanse Christelijke Jonge Mannen Vereniging en was dus christen4. De uitspraak van de naam Yi Jun is overigens ´Ie djoen´.

De Koreanen in hotel De Jong in de Wagenstraat

In Den Haag bleek dat de drie Koreanen het niet breed hadden. Ze verbleven niet in een van de sjieke hotels waar de officiële deelnemers van de conferentie verbleven, maar in het eenvoudige hotel-café-restaurant De Jong aan de Wagenstraat 124, waar nu het Yi Jun Peace Museum is gevestigd 5. Minister van buitenlandse zaken De Beaufort noteerde in zijn dagboek dat hij vlak na hun aankomst een briefje had gekregen met het verzoek om een onderhoud. Hij zocht hen persoonlijk op in het 'koffijhuis met logement van de 4de rang' waar een 'jongedame met niet al te puriteinse allures' zijn kaartje in ontvangst nam. In het gesprek kreeg De Beaufort de indruk dat ze daadwerkelijk vertegenwoordigers van de Koreaanse keizer waren. Hij had voor zijn bezoek overlegd met de Russische voorzitter van de conferentie en die had hem gezegd dat Rusland niets voor Korea kon doen. De Beaufort schreef in zijn dagboek dat hij de Koreanen vertelde dat er nu eenmaal landen waren die door andere bezet werden. Hij noemde Beieren en Pruisen als voorbeeld. Volgens het dagboek reageerden de Koreanen beleefd op zijn slechte boodschap.

Secretariaat vredesconferentie op het Plein

Het secretariaat van de Tweede Vredesconferentie zat op het Plein in het gebouw waar later het Departement van Buitenlandse Zaken zou worden gevestigd.

Poging toegelaten te worden

De Koreanen lieten zich niet afschrikken, want op 29 juni 's ochtends meldden ze zich onder leiding van Yi Uijong (de jongste) bij het secretariaat van de vredesconferentie. Dat was gevestigd op het Plein in het op dat moment leegstaande voormalige Logement van Amsterdam. Daar werden ze echter niet binnengelaten. De president van de Vredesconferentie, de Rus De Nélidoff zal als bondgenoot zijn best wel hebben gedaan, maar officieel kon hij niets doen. Hij liet hen weten dat hij alleen delegaties kon ontvangen met een officiële introductiebrief van de Nederlandse regering6.

Manifest

Maar de Koreanen hadden dit blijkbaar wel verwacht, want al tevoren hadden hadden ze een manifest opgesteld. Het was keurig getypt, op een schrijfmachine, in het Frans, de diplomatentaal van die tijd. In pen was bovenaan de datum van 27 juni ingevuld, waarschijnlijk de dag dat ze het stuk openbaar maakten. De Courrier de la Conference de la Paix, de krant die in de Franse taal dagelijks de conferentie versloeg, besteedde er op 30 juni 1907 uitgebreid aandacht aan. De redactie van deze krant had duidelijk sympathie voor de Koreaanse zaak en liet Yi Sang Sul (de middelste op de foto) uitgebreid aan het woord. Yi hoopte op de onpartijdigheid van de afgevaardigden bij de conferentie en een erkenning dat het Japanse optreden in Korea een schending van internationale conventies is. De Courier zou de komende weken meer pagina's aan de Koreanen wijden. Bovendien organiseerde de hoofdredacteur, William Stead, lezingen in de Cercle International, waar zij hun verhaal konden doen. Deze sociëteit was net als de krant gevestigd aan de Prinsessegracht 6a.

Cercle International

Cercle International op de Prinsessegracht (Haags Gemeentearchief).

Interview met Yi Uijong

Hoewel een aantal conferentieleden persoonlijk wel sympathiek tegenover de Koreaanse wensen stond, maakte het manifest geen officiële reacties los. De Courier publiceerde enkele dagen later, op 5 juli 1907, een interview met Yi Uijong (de jongste) in hun hotel in de Wagenstraat. Hoofdredacteur William Stead vroeg Yi eerst waarom hij met zijn onaangename aanwezigheid de rust van de conferentie komt verstoren. Yi antwoordde dat hij niet meer wil dan gerechtigheid: 'Ik kom van een ver gelegen land en hoop hier gerechtigheid te vinden'. Hij zag de conferentie als de hoogste autoriteit van de wereld, een soort Verenigde Naties. Yi verklaarde verder dat de uitsluiting van Korea onterecht was, omdat het Protectoraats-verdrag van 17 november 1905 ongeldig was. Dat verdrag was weliswaar ondertekend door een minister, maar die deed dit zonder toestemming van de hoogste autoriteit van Korea, de keizer7.

Publiciteitsstrijd

Hoewel de Koreanen geen voet aan de grond kregen ontstond er toch een publiciteitsstrijd met de Japanners. De Japanners verklaarden dat de Koreanen hun keizer niet vertegenwoordigden, maar deze actie op eigen houtje hadden opgezet. Hierop schreven de Koreanen in een 'Officieel Communiqué' dat hun geloofsbrieven wel degelijk echt waren. Alleen kon de keizer dit, onder de Japanse bezetting, nu niet meer openlijk verklaren. Dat ze inderdaad door de keizer werd gestuurd is door de recente ontdekking van een officieel keizerlijk document bevestigd8.

Lezing van Yi Uijong

Op 9 juli deden de Koreanen een laatste poging om in ieder geval de publieke opinie voor zich te winnen. Die avond gaf Yi Uijong (de middelste) voor een 'talrijk gehoor waaronder vele bekende persoonlijkheden' een lezing in de Cercle International. Dat was een sociëteit van de Stichting voor het Internationalisme aan de Prinsessesgracht 6a. Ook nu liet Inleider William Stead duidelijk zijn sympathie voor de Koreanen merken. Hij stelde ze voor 'als jonge lieden, die voor hun land hadden geleden en hun land liefhebben'. Vervolgens gaf hij het woord aan Yi (de middelste), die volgens de kranten zijn rede hield: 'vloeiend, maar met wat vreemd accent, in het Fransch en is bij sommige passages zeer hartstochtelijk'. Zijn ongetwijfeld idealistische gehoor was verdeeld over wat zij daaraan konden doen. De bekende Pieter Brooshooft, redacteur van de Locomotief, kreeg weinig bijval toen hij een verklaring wilde opstellen waarin het Japanse geweld in Korea werd veroordeeld. Anderen wilden Japan niet veroordelen omdat ook allerlei westerse landen koloniale onderdrukkers waren. De bekende vredesactiviste Bertha von Suttner vond dat alle sterke landen zich zouden moeten ontwapenen, niet alleen Japan. Men vond zich tenslotte in een verklaring waarin men hoopte dat de zaak Korea zou worden voorgelegd aan een internationaal tribunaal in Den Haag9. Iedereen wist natuurlijk wel dat deze wens nooit in vervulling zou gaan. De kans dat Japan hieraan zou meewerken was net zo groot als dat Nederland zijn Indische kolonies zou hebben opgegeven.

Yi Jun Peace Museum

Hotel De Jong / Yi Jun Peace Museum - Het voormalige Hotel De Jong in de Wagenstraat, sinds 1995 het Yi Jun Peace Musem.

Afzetting Koreaanse keizer

De Japanse reactie op het optreden van de Koreanen liet niet lang op zich wachten. Ze konden de Koreanen in Den Haag niet het zwijgen opleggen, maar dat konden ze in Korea wel. De dagen die volgen heeft de Haagsche Courant elke dag een bericht over het mogelijke gedwongen aftreden van de Koreaanse keizer10. Op 19/20 juli trad keizer Kojong tenslotte af en werd opgevolgd door zijn zoon. Het eerste edict van de nieuwe keizer beval de bestraffing van de drie Koreanen in Den Haag.

Overlijden van Yi Jun

De missie werd nu even onderbroken doordat Yi Uijong (de middelste), de feitelijke delegatieleider, afreisde naar Sint Petersburg. Daar was zijn echtgenote zwaar ziek geworden, maar vermoedelijk pleegde hij er ook overleg met andere Koreanen. Yi Uijong vertelde de Frankfurter Zeitung dat zijn vader in Sint Petersburg raadgever was van een geheim verdedigingscomité in Korea.

 

En tijdens zijn afwezigheid, op 17 juli meldde de Courrier de la Conference de la Paix 'tot ons grote verdriet .. het plotselinge overlijden van een van de Koreaanse afgevaardigden in Den Haag'. Het was de minder op de voorgrond tredende Yi Jun, die op 14 juli 's avonds om zeven uur onverwacht was overleden. De verschillende kranten die zijn overlijden meldden waren het niet eens over de doodsoorzaak. Volgens de Courier was Yi Jun geopereerd aan een gezwel in de kaak en was hij daaraan overleden. De Residentiebode meende dat de operatie aan een abces aan de wang hem zodanig had uitgeput, dat hij 'binnen weinigen tijd' bezweek. Het Haagsch Nieuwsblad hield het erop dat hij 'reeds eenige dagen ongesteld' was en dat hij in hotel De Jong aan een hartverlamming was overleden11.

Doodsoorzaak overlijden Yi Jun

De werkelijke overlijdensoorzaak valt bij gebrek aan medische gegevens niet meer te achterhalen. Dat Yi Jun zomaar aan een abces in de wang is overleden ligt naar onze huidige maatstaven niet voor de hand. Maar honderd jaar geleden lag dat anders. Mogelijk had hij last van een agressieve bacterie of had hij nog een andere ziekte die hem verzwakt had. Hij werd twee dagen na zijn overlijden door de jonge Yi Sang Sul en de eigenaar van het hotel naar de begraafplaats Nieuw-Eikenduinen gebracht. Daar werd hij tijdelijk in een grafkelder bijgezet, totdat duidelijk werd of men Japanse toestemming kreeg om hem in Korea te begraven12.

Zelfmoord?

De spoorslags uit Rusland teruggekeerde Koreaanse delegatieleider Yi Uijong gaf in de Courrier de la Conference de la Paix een nieuwe lezing over Yi Juns overlijden. Jun moest volgens hem gestorven zijn van verdriet. Yi Jung kon volgens hem niet overleden zijn aan een abces, want hij had een ijzersterk gestel. Hij moest dus verzwakt zijn door verdriet om het lot van Korea. Hij wilde niet verder leven. Hij had immers al dagen niets gegeten. Volgens hem waren Yi Juns laatste woorden: "Help mijn land. De Japanners zijn bezig om Korea te verwoesten"13. Yi Jun werd vervolgens in Korea als martelaar beschouwd.

Yi Uijong kondigde vervolgens aan naar London en naar Amerika te gaan, vermoedelijk om diplomatieke steun voor Korea te vinden. Ze waren vanaf het begin al van plan geweest om dit na hun bezoek aan Den Haag te doen. Op 20 juli was hij in Londen en op 25 juli berichtte De Avondpost dat ze vanuit Southampton naar Amerika vertrokken waren. In Het Volk van 27 juli gaf Yi Uijong (de middelste) nog een interview waarin hij vertelde dat zij de afzetting van de keizer al voorzien hadden voordat zij naar Den Haag vertrokken. De keizer had hen verteld dat ze geen rekening moesten houden met zijn belangen, maar alleen met die van de tien miljoen Koreanen.

Zo'n twee weken later meldde de Telegraaf van 10/11 augustus 1907 dat Yi Uijong zich op dat ogenblik zonder middelen van bestaan in New York bevindt. Hij kon daar misschien niet lang meer verblijven.

Vertrek

Na een kort bezoek aan de Verenigde Staten kwam Yi Uijong weer even terug in Den Haag. Daar werd Yi Jun op 5 september ´s ochtends op de begraafplaats Nieuw-Eikenduinen begraven. Men had blijkbaar geen Japanse toestemming gekregen om hem naar Korea te vervoeren. Bij de begrafenis werd een Koreaanse eredienst gehouden, geleid door een Koreaanse geestelijke die ook naar Den Haag was gekomen. Ook de voorzitter van de Haagse Christelijke Jongemannenvereniging, mr. AE baron Mackaay was aanwezig en sprak ook enkele woorden. Yi Jun was immers voorzitter van de Koreaanse Christelijke Jongemannenvereniging geweest14. Hierna vertrokken de Koreanen naar Sint-Petersburg. Hun missie leek mislukt en hun land was praktisch onder Japans bestuur gekomen. Enkele jaren later werd het volledig ingelijfd door Japan. Het bleef bezet totdat het, in augustus 1945, na de capitulatie van Japan, weer een onafhankelijk land werd, maar dan verdeeld in een noordelijk en zuidelijk deel.

Nasleep

Yi Uijong (de middelste) werd door een Japans gerechtshof in Seoul ter dood veroordeeld en Yi Sang Sul tot levenslange gevangenisstraf15. Nadat Korea weer onafhankelijk was geworden konden Koreanen belangstelling gaan tonen voor Yi Jun. Yi Jun bleef in Den Haag begraven totdat hij in 1963 naar Korea werd overgebracht en daar werd herbegraven16. De gemeentearchivaris Mensonides deed een diepgaand onderzoek naar wat er gebeurd was en ontdekte daarbij in welk hotel de Koreanen gelogeerd hadden. En passant ontdekte hij ook een foto van Yi Jun. Dat was een bijzondere vondst want op dat moment was er nog geen foto van hem bekend.

Het voormalige hotel De Jong, waar Yi Jun overleed, werd gekocht door het Koreaanse echtpaar Kee-Hang Lee en Song Chang-ju. In augustus 1995 openden zijn daarin het Yi Jun Peace Museum, ter nagedachtenis aan Yi Jun. Met dit museum willen ze ook de vrede propageren. Op 13 en 14 juli 2007 organiseerden zij de herdenking van Yi Juns overlijden in Den Haag. Binnenkort wordt het museum vergroot met de begane grond van het gebouw.

Yi Jun Peace Museum

Het adres van het museum is Wagenstraat 124/A. Het museum is gewoonlijk open van: ma - vrij: 10-17 uur en za: 10-16 uur. Het telefoonnummer is 070 - 356 25 10.

Yi Jun Commemoration

Yi Jun Herdenking - In 2007 liepen Koreanen de route die Yi Jun in 1907 zou hebben gelopen van het station naar zijn hotel

Verantwoording

Literatuur

• Duden, Alexis , Japan's Colonization of Korea. Discourse and Power, Honolulu 2005.

• Mensonides, H.M., ´Een Koreaans drama in Den Haag (in 1907)´, Jaarboek 1978 (van de Geschiedkundige Vereniging Die Haghe), pp 350-383.

Noten

1. Dit was Japan zelf al eerder overkomen, maar Japan paste zich snel aan het westen aan. Japanners bezochten onder andere in 1862 de Haagse metaalfabrieken Enthoven en De Prins van Oranje. Het wilde geen kolonie van een westers land worden en stuurde Japanse marineofficieren naar westerse landen om te leren; Zie ook Duden 51-54, 100-111, 127; Op 21 april 1913 deden de Verenigde Staten, Groot-Brittannië, Duitsland, Frankrijk, Italie en Belgie afstand van hun exterritoriale rechten in Korea en droegen al hun officiële eigendommen over aan de Japanse gouverneur-generaal.

1a. Het zichzelf uitroepen tot keizer door de Koreaanse koning ligt in Zuid-Korea nogal gevoelig omdat de koning/keizer verweten wordt zich te weinig tegen de Japanners verzet te hebben. In (Engelse) teksten geschreven door Koreanen wordt de keizer daarom meestal aangeduid als 'koning'. Overigens worden er steeds meer bewijzen gevonden dat hij zich wel degelijk verzette, maar dat hij dat alleen 'achter de schermen' kon doen, omdat de Japanners de feitelijke macht in zijn land al bezaten. De bewijzen van zijn verzet liggen dus verstopt in archieven buiten Korea en zijn moeilijk te vinden. Zie bijvoorbeeld de JoongAng Daily en een artikel in Wikipedia.

2. De Russisch-Japanse oorlog duurde van 1904 tot 1905. Japan viel onverwacht aan en won de oorlog. Groot-Brittannië was bondgenoot van Japan.

3. Haagsche Courant, 23 juli 1907.

4. In een interview in het Vaderland van 5 september 1907 vertelt hij dat hij in vier jaar tijd niets vernomen heeft van zijn eigendommen in Korea en alleen door een geheimen dienst te Petersburg op de hoogte gehouden werd van de politieke gebeurtenissen aldaar. Yi Sang Sul, Yi Jun en Yi Uijong werden in die tijd in de kranten genoemd: Yi Sang Sul, Yi Tsjoume en Tyong Oui Yi. Zie: Haagsche Courant, 10 juli 1907, Courrier de la Conference de la Paix, 06 juli 1907, p. 1; Mensonides 364-365

5. Het adres is vermeld in de Courrier de la Conference de la Paix van 4 juli 1907. Volgens het bevolkingsregister was de hotelhouder Kersen Jacob de Jong, uit Gouda, 54 jaar, van beroep koffiehuishouder. Hij was getrouwd met Josephine Petronella Brentano Semenzanoot, ze hadden vier dochters en een zoon. In het adresboek van 1906-1907 is op dit adres nog Hotel Metropole van J. de Krijger gevestigd. In 1907-1908 wordt het in het adresboek voor het eerst vermeld als Hotel de Jong, Wagenstraat 124, 124a en 124b.

6. Bericht in Ochtendblad van Het Vaderland van zondag 30 juni 1907, ook in Avondpost 1 juli 1907 en Haagsche Courant van 2 juli 1907: 'Naar wij vernemen vervoegden zich aan het secretariaat van den president der Vredesconferentie eenige Coreanen, die bij den voorzitter protest wilden uitbrengen tegen de niet uitnoodiging van Corea ter Conferentie en andersdeels tegen de verkrachtiging der Coreaansche souvereiniteit door Japan. De deputatie had aan het hoofd Prins Tiying Chiyi, die vergezeld was van twee andere Coreanen. De President der Vredesconferentie deed hen weten, dat hij de deputatie niet ontvangen kon, aangezien hij geen andere deputaties tot zich kan toelaten dan die voorzien zijn van een officieelen introductiebrief van de Nederlandschen Regeering.'

7. Courrier de la Conference de la Paix, 06 juli 1907, p. 1.

8. Zie: http://www.pennfamily.org/KSS-USA/korean-on-stamp-4.htmlc; Courrier de la Conference de la Paix, 07 juli 1907, p. 2. De echte status van de Koreanen in Den Haag bleef lang onzeker, maar in 1993 ontdekte professor Kim Ki-Seok van de Seoul National University tijdens een onderzoek in de manuscriptencollectie van de Columbia University een brief uit 1906 geschreven door Kojong, de keizer van Korea, gericht aan negen Europese staatshoofden en de president van de V.S., met een protest tegen de Japan´se plundering van zijn land. In 1907 droegen zijn gezanten een vergelijkbare brief bij zich. Zie hiervoor Duden 7, noot 1; recent werd ontdekt dat de Koreanen op de Tweede Geneefse Conferentie van 1906 zouden ook al niet zijn toegelaten (volgens dr. A.C. Eyffinger op het International Symposium on Yi Jun Centennial Commemoration).

9. Courrier de la Paix 9 juli 1907 op blz. 2 en 'Land en Volk' van dinsdag 9 juli; Mensonides 367.

10. Haagsche Courant 11 en 15 juli 1907 in Mensonides 364-365.

11. Conference de la Paix 17 juli op blz 3; Vaderland 15 juli 1907 avondblad; Haagsch Nieuwsblad 16 juli 1907; Residentiebode 17 juli 1907.

12. Residentiebode 17 juli 1907.

13. Courrier de la Conference de la Paix 18 juli 1907.

14. een lid van de Koreaanse legatie was met hem uit Sint-Petersburg gekomen, Yi Sang Sul en de Koreaanse geestelijke P.K. Yun, een 'jonge Koreaan, die aan de Harvard-universiteit in de godgeleerdheid studeerde', zie Vaderland 4 en 5 september 1907. Mr. A.E. baron Mackay was president der CJMV en lid van de gemeenteraad van ’s-Gravenhage.

15. Mensonides 382.

16. Mensonides 350-351.