Geschiedenis van Den Haag
kopfoto

ooievaarkleinerPaleis Huis ten Bosch ...

Over het Paleis Kneuterdijk

Over het Paleis Noordeinde

Over de Haagse Bos

Over Koninklijke stad Den Haag.

kopfoto

Paleis Huis ten Bosch

Het Huis ten Bosch krijgt vleugels

In 1733 begon men aan de uitbreiding van het Huis ten Bosch, dat tot dan toe steeds ‘Oranjezaal’ was genoemd. De uit Frankrijk afkomstige architect Daniel Marot maakte de ontwerpen voor de uitbreiding. De zaal werd uitgebreid met twee nieuwe vleugels, die door een nieuw rechthoekig paviljoen aan het hoofdgebouw werden verbonden. De vleugels staken schuin naar voren en waren drieëntwintig meter lang. Ze eindigden daar in een ander rechthoekig paviljoen. De hoofdverdieping en het onderhuis van de vleugels sloten aan bij dezelfde verdiepingen van het hoofdgebouw. De vleugels kregen echter geen bovenverdieping. In het midden hadden de vleugels een ingang, zowel aan de voor- als aan de achterkant. Het hoofdgebouw moest door de toevoeging van vleugels een nieuwe, monumentale voorkant krijgen. Het voorhuis werd daarvoor tweeëneenhalve meter naar voren geplaatst, zodat de entree veel ruimer werd. Daarboven ontstond een nieuwe ruimte, de huidige balzaal, die door Anna van Hannover werd gebruikt als kapel. De plaatsing van ionische pilasters, de verhoging van de koepel van de Oranjezaal en een nieuwe statietrap moesten het monumentale karakter van de voorkant vergroten. Aan de achterkant werd de dubbele trap ook gewijzigd. Men begon met de bouw van de oostelijke vleugel en toen het paleis uiteindelijk klaar was had men er vele jaren aan gewerk, van 1733 tot 1754. De bouw ging niet voorspoedig en niet in harmonieuze samenwerking tussen de betrokken mensen en regelmatig lag de bouw stil. Willem IV heeft de plannen nooit voltooid gezien Men dacht altijd dat Marot de architect van de uitbreiding was, maar niet zo lang geleden ontdekte men dat zich meer mensen met het ontwerp bezig hielden. Marot was architect, maar dat was in die tijd vooral iemand die het uiterlijk ontwierp en maar in beperkte mate verstand had van bouwkundige stevigheid. Een deskundige timmerman, wever of tuinman zorgde voor de praktische uitvoering van het ontwerp van het huis, het behang of de tuin. Bij Huis ten Bosch was Anthonie Coulon de betrokken bouwkundige. Hij was zoon van een Franse timmerman die als Hugenoot was uitgeweken naar ons land. Met zijn broer Jean kwam hij in dienst van de Nassaus (Oranjes) in Friesland. Jean Coulon werkte voor hen in Dietz, Anthonie aan de modernisering van het stadhouderlijk hof in Leeuwarden en aan de bouw van de buitenplaats Oranjewoud bij Heerenveen. De ontwerpen waren in alle gevallen van Daniël Marot. Jean Coulon had vond dat er bij de bouw van Oranienstein in Dietz al teveel dragende muren werden weggebroken. Bij Huis ten Bosch was het zijn broer Anthonie die gelijkaardige kritiek had op Marots fraaie ontwerpideeën. De bouwkundige gebreken werden allemaal in samenwerking opgelost, maar op een gegeven moment kreeg Anthonie Coulon de schuld kreeg van de vertragingen in de bouw. Coulon werd in zijn positie op de bouwplaats gedegradeerd, maar hij trok zich hier niets van aan. Hij voelde zich blijkbaar zo betrokken, dat hij zich met de bouw bleef bemoeien. Uiteindelijk leverde hij samen met Marot een fraai en stevig genoeg paleis op17.

 

Dit verhaal is nog in bewerking.